Thessalië (Grieks: Θεσσαλία) is één van de dertien regio's van Griekenland. De regio meet 14.037 km² en telt circa 750.000 inwoners. Ze is centraal op het vasteland gelegen. Het grenst aan West- en Centraal Macedonië in het noorden, Epirus in het westen en Centraal Griekenland in het zuiden.
Geografie De regio valt nagenoeg samen met het historische Thessalië(in het Oudgrieks ook Θετταλία gespeld), een uitgestrekte,vruchtbare vlakte die grotendeels door gebergten wordt afgezoomd en in het oosten grenst aan de Egeïsche Zee. Daardoor heeft ze een uitgesproken landklimaat, met grote verschillen in temperatuur: bloedhete zomers en strenge vorst in de winter. De voornaamste rivier van Thessalië is de Piniós (Grieks Πηνειός),die door het schilderachtige tempe vallei naar zee stroomt.
Bestuurlijke indeling Bestuurlijk is de regio onderverdeeld in vier provincies: Magnesía (Μαγνησία) met hoofdstad Volos Kardítsa, (Καρδίτσα) Lárisa (Λάρισα) Tríkala (Τρίκαλα)elk met gelijknamige hoofdsteden.
De hoofdstad van de regio, Lárisa, en Volos zijn de twee grootste steden. In het noorden vormt het Olympus - massief de natuurlijke grens met Macedonië, in het westen schermt het Pindos - massief Thessalië af van Epirus en in het zuiden doen de uitlopers van de Parnassos hetzelfde ten opzichte van Boeotië en Phocis. In het oosten vormen dan weer de bergen Ossa en Pelion een natuurlijke barrière tegen de zee.
Geschiedenis In Thessalië zijn veel prehistorische vondsten gedaan (o.m. in Sesklo en Dimini), maar de resten uit de Archaïsche en Klassieke perioden zijn eerder schaars.Pas in de 6e eeuw v. Chr. raakte het bekend als het woongebied van de oorspronkelijk uit Zuid-Epirus afkomstige Thessaliërs, die er een losse federatie van staten onder leiding van aristocratische families (Aleuaden, Scopaden, ...) stichtten. De belangrijkste steden waren in de Oudheid Trikkè (nu Trikala), Pharsalus (nu Farsala), Larissa en Pherai (nu Velestino). Het geografische isolement en de onderlinge rivaliteit tussen de regerende families waren de belangrijkste oorzaken van de geringe invloed van de Thessaliërs op de Griekse geschiedenis.
Omdat de Grieken tijdens de Eerste Perzische oorlog besloten hadden Thessalië op te geven en zich te verschansen achter de Thermopylae, beschouwden de Thessaliërs dit als verraad, en kozen zij de Perzische kant, waardoor zij dan weer meestal op gespannen voet met de andere Grieken stonden. Tijdens de Peloponnesische oorlog kozen zij nu eens de zijde van Athene, dan weer die van Sparta. In 350 v. Chr. raakte Thessalië zijn autonomie kwijt aan Macedonië, maar onder Romeinse heerschappij herkreeg het kortstondig zijn zelfstandigheid (196–148 v.C.).Keizer Diocletianus maakte er een zelfstandige provincie van.Tot de 14e eeuw was Thessalië deelvan het Byzantijnse Rijk. Serviërs& Bulgaren, waren ook voor een periode de heersers van Thessalië. De Turken veroverden het in 1394 en verlieten het pas na de Balkanoorlogen. Sinds 1913 behoort het gehele gebied tot Griekenland.
Fauna In de Pindos zwerven nog wolven, everzwijnen en enkele zeldzame beren. De opvallendste vogel in de vlakte van Thessalië is de ooievaar: vaak zie je hem nestelen op de koepels van kerken, en op andere hoge bouwsels.
Industrie Van oudsher is Thessalië een van de belangrijkste agrarische gebieden van Griekenland, met o.m. teelt van graan, rijst, tabak, olijven, groenten en (citrus)vruchten. Er is genoeg ruimte overgelaten voor rundveehouderij en, sinds de oudheid, paardenfokkerij. De industrie is hoofdzakelijk geconcentreerd rond Vólos (haven) en Lárisa.
meer info
|